| Antwoorden: december 2011 |
|
|
|
| Geschreven door Administrator |
| maandag 02 januari 2012 20:13 |
|
1. In een correct duel tussen een aanvaller en de doelman belanden beiden in de netruimte van het doel achter de doellijn, terwijl de bal via de doelpaal terug het veld in stuit. Alleen deze beide spelers zijn in de buurt van de spelsituatie. De aanvaller, die snel reageert, wordt in de netruimte door de doelman vastgepakt, waardoor de doelverdediger toch eerder bij de bal kan komen. Wat beslist de scheidsrechter?
a) Hij toont de doelverdediger de rode kaart en laat hervatten met een indirecte vrije schop. b) Hij toont de doelverdediger de rode kaart en laat hervatten met een scheidsrechtersbal. c) Hij toont de doelverdediger de rode kaart en laat hervatten met een strafschop. d) Hij toont de doelverdediger de gele kaart en laat hervatten met een strafschop.
2. Terwijl de bal op het middenveld in het spel is, werpt een speler die kwaad is, nabij de zijlijn een graspol naar zijn trainer, die in de instructiezone langs de zijlijn staat. De scheidsrechter ziet dit en onderbreekt het spel. Hoe zal hij verder dienen te handelen?
a) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een directe vrije schop op de plaats waar de werpende speler stond. b) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de werpende speler stond. c) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken. d) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
3. Wanneer is de bal uit het spel, terwijl deze toch niet over een doel- of zijlijn is gegaan?
a) Blessure van een speler. b) Indien de assistent-scheidsrechter een vlagsignaal geeft. c) Na elke onderbreking door de scheidsrechter. d) Bij elke buitenspelsituatie.
4. Een speler van de verdedigende partij gooit een scheenbeschermer tegen de bal, die daardoor naast in plaats van in het doel gaat. De scheidsrechter onderbreekt het spel en zendt de betreffende speler van het speelveld. Hoe dient hij het spel nu te laten hervatten?
a) Met een hoekschop. b) Met een strafschop. c) Met een indirecte vrije schop. d) Met een scheidsrechtersbal.
5. Bij een duel nabij de zijlijn raakt een aanvaller geblesseerd. Deze speler verlaat daarom kort hierna het speelveld om verzorgd te worden. De bal is op dat moment aan de andere kant van het speelveld en de scheidsrechter heeft geen toestemming verleend. Hoe reageert hij?
a) Hij laat doorspelen en neemt verder geen maatregelen tegen de geblesseerde speler. b) Hij onderbreekt het spel, vermaant de geblesseerde speler en hervat met een scheidsrechtersbal. c) Hij onderbreekt het spel, geeft de geblesseerde speler een waarschuwing en hervat met een scheidsrechtersbal. d) Hij laat doorspelen, maar geeft de geblesseerde speler een waarschuwing zodra de gelegenheid zich voordoet wegens het zonder toestemming en doelbewust verlaten van het speelveld. |
Editie 2011

