| Antwoorden mei 2009 |
|
1. Tijdens de wedstrijd onderbreekt de scheidsrechter het spel, omdat een wisselspeler het veld inloopt om een bidon op te rapen, die binnen het speelveld is blijven liggen bij een blessurebehandeling. Hoe zal het spel nu hervat moeten worden?
a) Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was bij de overtreding.
b) Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de wisselspeler stond bij de overtreding.
c) Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was bij de overtreding.
d) Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de wisselspeler stond bij de overtreding.
2. In het doelgebied weet de doelverdediger vallend de bal in zijn bezit te krijgen. Op de grond liggend drukt hij de bal met twee vingers op de grond. Een toegelopen aanvaller trapt voorzichtig de bal onder de hand van de doelverdediger vandaan en weet nu te scoren. Wat moet de scheidsrechter beslissen?
a) Hij keurt het doelpunt goed, omdat de aanvaller de bal voorzichtig trapte.
b) Hij keurt het doelpunt goed, omdat de doelverdediger de bal op deze wijze niet in zijn bezit had.
c) Hij keurt het doelpunt af en laat hervatten met een directe vrije schop wegens gevaarlijk aanvallen.
d) Hij keurt het doelpunt af en laat hervatten met een indirecte vrije schop wegens gevaarlijk spel.
3. De lijnen die een speelveld afbakenen:
a) Mogen niet breder zijn dan 12 cm.
b) Mogen niet breder zijn dan 10 cm.
c) Moeten minimaal 10 en maximaal 12 cm breed zijn.
d) Er zijn geen voorschriften.
4. Onmiddellijk nadat de wedstrijd is begonnen, ziet de scheidsrechter dat de doelverdediger met de hak van zijn schoen in zijn doelgebied een gleuf maakt om hem te helpen bij het bepalen van zijn positie in het doel. De scheidsrechter fluit af en geeft een waarschuwing door het tonen van de gele kaart. Hoe wordt het spel hervat?
a) Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen afgefloten werd.
b) Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
c) Met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding.
d) Met een indirecte vrije schop op de lijn van het doelgebied.
5. Wie bepaalt op welk doel de serie strafschoppen na het einde van een wedstrijd wordt genomen?
a) De scheidsrechter, na overleg met de beide aanvoerders.
b) De partij die bij de aanvang van de wedstrijd de beginschop nam, wordt door de scheidsrechter aangewezen.
c) De scheidsrechter.
d) De partij die bij de aanvang van de tweede helft de beginschop nam, wordt door de scheidsrechter aangewezen.
|