| Antwoorden juni 2009 |
|
1. De doelverdediger heeft, op de grond liggend, nog één vinger op de bal. Mag de bal nu worden gespeeld?
a) Alleen door een tegenstander.
b) Alleen door een medespeler.
c) De bal mag niet meer worden gespeeld.
d) De bal mag door iedereen worden gespeeld.
2. Een aanvaller heeft zich naast het doel buiten het speelveld begeven om zich zodoende aan buitenspel te onttrekken. Op het moment dat de doelverdediger de bal heeft opgevangen, komt deze speler weer het speelveld inlopen om te voorkomen dat de doelverdediger de bal uit zijn handen in het spel kan brengen. De scheidsrechter moet nu:
a) Door laten spelen.
b) De aanvaller een waarschuwing geven en bestraffen met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter affloot.
c) Een directe vrije schop toekennen aan de verdedigende partij en de aanvaller een waarschuwing geven.
d) De aanvaller alsnog bestraffen met een indirecte vrije schop wegens buitenspel en de aanvaller een waarschuwing geven.
3. Wat zal de spelhervatting zijn bij gevaarlijk spel en bij gevaarlijk aanvallen, ervan uitgaande dat de genoemde overtredingen tijdens het spel in de middencirkel tegen een tegenstander worden begaan?
a) In beide gevallen een indirecte vrije schop.
b) In beide gevallen een directe vrije schop.
c) Bij gevaarlijk spel een indirecte vrije schop en bij gevaarlijk aanvallen een directe vrije schop.
d) Bij gevaarlijk spel een directe vrije schop en bij gevaarlijk aanvallen een indirecte vrije schop.
4. Mag de scheidsrechter een door hem gegeven waarschuwing ongedaan maken?
a) Ja, als hij ervan overtuigd is dat de waarschuwing ten onrechte is gegeven.
b) Ja, als de aanvoerder van de tegenpartij accoord gaat.
c) Nee, tenzij hij heeft verzuimd de aanvoerder van de waarschuwing op de hoogte te stellen.
d) Nee, dit is onder geen enkele omstandigheid toegestaan.
5. De wedstrijd moet voor het nemen van een strafschop verlengd worden. De bal wordt tegen de lat geschoten en belandt via de rug van de doelverdediger in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
a) Strafschop overnemen.
b) Geen doelpunt. De strafschop had zijn uitwerking gehad toen de bal tegen de lat kwam.
c) Geen beslissing; de kwestie voorleggen aan de bond.
d) Doelpunt. De strafschop had zijn uitwerking nog niet gehad toen de bal tegen de rug van de doelverdediger kwam.
|